Follow me...

vrijdag 26 september 2014

Fous-y-tout soep met peterselie


Een soep gemaakt van restjes,  stelen en andere delen van groenten die anders in de vuilbak zouden belanden.  Maar zo lekker dat ik hier toch maar het recept geef. De basis bestaat uit... peterseliestelen. In een tabouleh, bijvoorbeeld,  gaat heel veel peterselieblad,  maar de stelen blijven over. Meer in het algemeen gebruik je van peterselie vooral het blad. Ik vond het zonde om die stelen weg te gooien. Ik heb ze dus,  fijngeknipt,  bewaard voor in de soep. Onderin de koelkast blijft dat best een aantal dagen (wel een week) goed.  Hetzelfde gold voor de stengels en het dikke blad van venkel, en voor de zaadjes en het vocht van tomaten. Dat alles heb ik opgetuigd met wat er verder in de koelkast lag of op de vensterbank stond en ziedaar.

Je hebt nodig:

  • Een paar handenvol peterseliestelen, in stukjes geknipt; 
  • Het binnenste (zaadjes, vocht) van 1 of meer tomaten,  aangevuld met 1 of twee tomaten in stukjes; 
  • Stelen,  groen en het buitenste dikke, ribbelige blad van een venkelknol, in kleine stukjes/plakjes; 
  • 2-3 stengels bleekselderij,  met blad, klein gesneden; 
  • 2 wortels (bospeen), in plakjes; 
  • 1 rode (punt-) paprika,  geroosterd en gepeld,  klein gesneden; 
  • 3-4 aardappelen (afhankelijk van de grootte, geschild en in kleine stukjes; 
  • 1 bouquet garni met peterselie, 1-2 takjes tijm, takje rozemarijn,  paar blaadjes salie en vooral 4 laurierbladen, alles goed samengebonden; 
  • 1 el olie; 
  • 1 uitje, door de helft en in dunne plakjes; 
  • 4 tenen knoflook, in kleine stukjes gehakt; 
  • Stukje gember (3-4 cm), geraspt en door de knoflookpers gehaald; 
  • (Selderij-)zout, zwarte peper uit de molen.


Bereiding:

Verwarm de olie in een flinke pan (min. 3 liter) met dikke bodem,  fruit het uitje tot het begint te kleuren,  voeg de knoflook toe, roerbak nog even door (maar laat de knoflook niet bruin worden, voeg dan de andere ingrediënten toe (maar wacht nog met zout en peper), bedek het geheel met water zodat alles onder staat (als de soep te dik is,  kun je altijd nog water toevoegen;  andersom is lastiger) en breng aan de kook. Laat een half uurtje doorkoken,  tot alles zacht is. Pureren en door de passe-vite halen (gebruik niet de allerfijnste zeef). Dan proeven en op smaak maken met peper en eventueel zout (deze soep heeft zoveel smaak dat je maar heel weinig zout nodig hebt).
Serveer met lekker vers (boeren-) brood met boter of roomkaas (desnoods in een light versie), of in wat goede olijfolie gedrenkt,  of desnoods met margarine.