Follow me...

vrijdag 24 april 2015

Lavendelkoek

De koek gaat meestal nogal snel op...

Nu dacht ik toch dat ik dit  recept al lang en breed had opgeschreven... Niet dus.
Ik at voor het eerst lavendelkoek toen ik bij mijn (Canadese) nichtje in Aix-en-Provence logeerde. Zij en haar man hadden een sabbatical, hun contacten met de universiteit van Aix stelden hen in staat daar een jaartje door te brengen, en de kinderen waren sowieso tweetalig (hoewel het Canadese Frans en het Provençaalse Frans... euh... niet helemaal hetzelfde bleken te zijn; maar kinderen hebben daar geen moeite mee). Eén van de kinderen was jarig, er was een partijtje en zoals veel Canadese moeders draait ook deze haar hand niet om voor het bakken van een paar taarten. Ja, een paar nog wel. Daaronder was dus een lavendelkoek, en ik vond die zo geweldig lekker dat ik het ook moest proberen. 

Uitg. Dorling Kindersley, Londen
Ik ben uitgegaan van een klassiek recept van shortbread (een soort zandtaart, of sprits), zoals dat in traditionele kookboeken te vinden is, in dit geval Tea Time, van niemand minder dan Jane Pettigrew. (Dit boek is helaas alleen nog antiquarisch te krijgen, maar ze heeft nog véél meer boeken geschreven...) . 
Duidelijke recepten zijn het, niks mis mee. Maar ik moest er natuurlijk weer wat kleine dingetjes in aanpassen. Om te beginnen wilde ik een glutenvrije koek bakken, in verband met verwacht bezoek - en in het kader van dit blog ook.  En tja, wie één ding wijzigt, moet méér aanpassen, zo gaan die dingen. Na wat experimenteren is het een recept geworden dat er gretig ingaat, zowel bij 'glutenvrijen' als bij mensen die gewoon tarwemeel mogen eten. En mensen hebben me herhaaldelijk het recept gevraagd. Vandaar dat het nu toch eens online moest.


Voor 1 ronde bakvorm van zo'n 20 cm doorsnee hebt u nodig:


  • 112 g zachte boter (of margarine, voor wie geen lactose verdraagt)
  • 85 g witte of lichtbruine basterdsuiker
  • 1 eidooier (mag u weglaten; voeg dan een kleine eetlepel psyllium toe)


  • 160 g fijn maismeel
  • 50 g amandelmeel/-poeder/gemalen amandelen (de benaming varieert)
  • 25 g maizena
  • 1,5 teaspoon = 3 theelepeltjes = plm 12 g bakpoeder, baksoda of een mengsel van beide
  • de geraspte schil van 1 citroen
  • mespuntje (bakkers-)zout
  • theelepel lavendelbloesem, gezuiverd van takjes, fijngemaakt in vijzel en/of koffiemolen



Voorverwarm de oven op 175-180 graden (160-165 als u turbo gebruikt).

Meng in de keukenmachine de boter en de suiker, tot het een lichtgele, gladde substantie wordt. Voeg de eidooier toe en laat de machine nog even doordraaien.
Meng intussen in een andere kom meel,  maizena, bakpoeder/-soda, citroenschil, zout en lavendel.
Doe dit bij het suiker-botermengsel, maar laat de machine niet meer of nog maar heel even draaien. Het beste is om dit met de hand te mengen, met een spatel. Het wordt een dik, enigszins korrelig deeg. Maar hoe langer je het in de machine mixt, hoe korreliger het wordt, doe dat dus niet!

Stort het deeg in de ingevette bakvorm en druk het met de hand en evetnueel een spatel aan, tot het er fatsoenlijk uitziet. Maak er dan met een mes of een deegspatel de 'stippellijnen' in waarlangs je straks de koek gaat snijden. Dus of acht punten, of 'ruitjes', dat moet u helemaal zelf weten. Snijd de koek niet echt tot onderop, geef alleen de snijdlijnen aan. 

Zet de vorm in de onderste helft van de oven en bak de koek in 20-25 minuten gaar. Laat hem niet al te donker worden (anders bedekken met een stuk bakpapier, als hij nog niet gaar is en donker dreigt te worden). Hij is gaar als een satéprikker er schoon uit komt. Laat de koek in de vorm afkoelen, snijd hem dan in punten (naarmate hij afkoelt, wordt hij steviger en krokanter, maar ook brokkeliger). Serveer hem bij de thee, of de koffie, of wat u maar wilt...


Variaties:


  • Garneer de koek met blanke amandelen, walnoten of hazelnoten (staat helemaal mooi als u een ruitjespatroon maakt: 1 amandel per stukje...)
  • Vervang de lavendel door amandelessence (zoals in het recept van Jane Pettigrew), of door vanille-extract; thijm smaakt vast ook lekker (als u er niet te veel van gebruikt, niet meer dan een theelepeltje).